donderdag 1 augustus 2013

Kennis en vaardigheden t.o.v. bewustwording


In onderzoeken naar de interculturele communicatie is veel nagedacht over de wijze waarop je mensen, leerlingen, kunt leren omgaan met andere culturen. Kennis, vaardigheden en de bewustwording met de ander worden gezien als de drie hoofdcategorieën waarin de verschillende aspecten van interculturele competenties kunnen worden ondergebracht.

Veel van de bovengenoemde onderzoeken worden opgebouwd aan de hand van het rijtje kennis - bewustwording - vaardigheden. En in die volgorde.


Ook de onderzoekers Geert Hofstede en Geert Jan Hofstede beschrijven het leren van interculturele communicatie als een proces van leerinhouden met drie verschillende fases; kennis en inzicht (kennen), bewustwording (willen, zijn) en vaardigheden (kunnen).

De eerste stap van Hofstede en Hofstede bestaat uit de kennis (kennen) van de andere cultuur, waarbij er tevens gekeken wordt hoe deze verschilt met de eigen cultuur. Om mensen uit een andere cultuur te begrijpen moet je iets leren over hun symbolen, hun helden en hun rituelen. Ook als je hun waarden nooit zult delen, is het belangrijk te weten waar hun waarden verschillen van de jouwe.

Bij bewustwording(willen, zijn) gaat het om bewustzijn van je eigen achtergrond en erkenning van de achtergrond van de ander. Besef dat je een bepaalde mentale software bezit door de manier waarop je bent opgevoed en dat mensen die in een andere omgeving zijn opgegroeid een andere mentale software hebben die gelijkwaardig is aan de jouwe.

Als derde stap noemen Hofstede en Hofstede het verwerven van vaardigheden (kunnen), die gebaseerd zijn op bewustwording, kennis en inzicht. Breng bewustwording en kennis in de praktijk. Dat wil zeggen dat je de symbolen en helden van de andere cultuur herkent en deel neemt aan rituelen. Hierdoor zal je je steeds meer op je plaats voelen in een vreemde omgeving.

Om de bewustwording van de verder uit te werken maak ik in het onderstaande model gebruik de leercyclus van Kolb en de het reflectiemodel van Korthagen.




De volgende schematische voorstelling is een verdere uitwerking van het bovengenoemde model.





Beïnvloedingsprincipes van Cialdini

We zijn er jarenlang vanuit gegaan dat mensen beslissingen nemen aan de hand van kennis, informatie en rationele argumenten. Op basis hiervan zouden mensen dan hun houding aanpassen en dus ook hun gedrag veranderen. Dit werkt echter maar ten dele.

Zo schrijft psycholoog en Nobelprijswinnaar Kahneman (2011) dat mensen vooral snel, intuïtief en emotioneel en dus irrationeel beslissingen nemen. Maar in dat irrationele gedrag zit vaak een zekere voorspelbaarheid: mensen gedragen zich in het dagelijks leven vaak ‘voorspelbaar irrationeel’, zegt gedragseconoom Dan Ariely, auteur van ‘Predictably Irrational’, bijvoorbeeld in een restaurant het zoete toetje kiezen, terwijl je hard aan het lijnen bent.Je kunt er van te voren rekening mee houden dat mensen zich laten leiden door gewoonten, impulsen en emoties.

Je kunt er van te voren rekening mee houden dat mensen zich laten leiden door gewoonten, impulsen en emoties. Robert Cialdini, hoogleraar psychologie en auteur van het boek ‘Infuence’ omschrijft zes basisprincipes - de zogenaamde Principles of Persuasion - die sterk bepalen hoe mensen reageren.

De zes beïnvloedingsprincipes van Cialdini

1. Wederkerigheid: “Ik doe iets voor jou, dan kan ik jou later iets terugvragen”. Mensen proberen naar evenredigheid te vergoeden wat een ander hen heeft gegeven;

2. Commitment en consistentie: “Ik zeg wat ik denk, en doe wat ik zeg”. Mensen willen in overeenstemming leven met hun waarden, attitudes en daden;

3. Sociale bewijskracht: “Als één schaap over de dam is, volgen er meer”. Mensen denken en handelen op basis van wat anderen denken/doen;

4. Sympathie: “Je vangt meer vliegen met stroop dan met azijn”. Mensen zeggen makkelijker ‘ja’ tegen iemand die ze kennen en sympathiek vinden;

5. Autoriteit: “Follow the leader”. Men is geneigd te doen wat een autoriteit zegt; 

6. Schaarste: “Goedkoop is duurkoop”. Men hecht meer waarde aan zaken die moeilijk verkrijgbaar zijn of schaars dreigen te worden.

woensdag 26 juni 2013

Manfred Spitzer

Der Hirnforscher Manfred Spitzer berichtete unter dem Schlagwort "Digitale Demenz", unter welchen Bedingungen das menschliche Gehirn die besten Ergebnisse erzielt. Seine Ergebnisse stehen teils in krassem Gegensatz zu den aktuellen technischen Trends. So könnte sich der technische Fortschritt als Rückschritt auswirken - Spitzer nennt jedoch wirksame Gegenmaßnahmen.

http://www.youtube.com/watch?v=ILPWoMrfK_c


Symposiumsvortrag von Prof. Dr. Dr. Manfred Spitzer während der AAD 2012. Mit den aktuellen Erkenntnissen der Neurowissenschaft beantwortet Prof. Dr. Dr. Spitzer die spannende Frage: Wie lernen Kinder? Diese Erkenntnisse verdeutlichen die Notwendigkeit möglichst früher Okklusionstherapie und helfen kindgerechte Therapieempfehlungen auszusprechen.

http://www.youtube.com/watch?v=vujELzwcdpQ

zondag 2 juni 2013

Cultural Awareness


What is Cultural Awareness, anyway? How do I build it?

“A fish only discovers its need for water when it is no longer in it.
Our own culture is like water for the fish. It sustains us.
We live and breathe through it.”

by Stephanie Quappe and Giovanna Cantatore

___________________________________________

Cultural Awareness is the foundation of communication and it involves the ability of standing back from ourselves and becoming aware of our cultural values, beliefs and perceptions. Why do we do things in that way? How do we see the world? Why do we react in that particular way?

Cultural awareness becomes central when we have to interact with people from other cultures. People see, interpret and evaluate things in a different ways. What is considered an appropriate behavior in one culture is frequently inappropriate in another one. Misunderstandings arise when I use my meanings to make sense of your reality.

As an Italian it is almost automatic to perceive US Americans as people who always work, talk about business over lunch and drink their coffee running in the street instead of enjoying it in a bar. What does it mean? Italians are lazy and American hyperactive? No, it means that the meaning that people give to certain activities, like having lunch or dinner could be different according to certain cultures. In Italy, where relationships are highly valued, lunch, dinner or the simple pauses for coffee have a social connotation: people get together to talk and relax, and to get to know each other better. In the USA, where time is money, lunches can be part of closing a deal where people discuss the outcomes and sign a contract over coffee.

Misinterpretations occur primarily when we lack awareness of our own behavioral rules and project them on others. In absence of better knowledge we tend to assume, instead of finding out what a behavior means to the person involved, e.g. a straight look into your face is regarded as disrespectful in Japan.

Becoming aware of our cultural dynamics is a difficult task because culture is not conscious to us. Since we are born we have learned to see and do things at an unconscious level. Our experiences, our values and our cultural background lead us to see and do things in a certain way. Sometimes we have to step outside of our cultural boundaries in order to realize the impact that our culture has on our behavior. It is very helpful to gather feedback from foreign colleagues on our behavior to get more clarity on our cultural traits.

Projected similarities could lead to misinterpretation as well. When we assume that people are similar to us, we might incur the risk that they are not. If we project similarities where there are not, we might act inappropriately. It is safer to assume differences until similarity is proven.

___________________________________________

Degrees of Cultural Awareness

There are several levels of cultural awareness that reflect how people grow to perceive cultural differences.

My way is the only way - At the first level, people are aware of their way of doing things, and their way is the only way. At this stage, they ignore the impact of cultural differences. (Parochial stage)

I know their way, but my way is better - At the second level, people are aware of other ways of doing things, but still consider their way as the best one. In this stage, cultural differences are perceived as source of problems and people tend to ignore them or reduce their significance. (Ethnocentric stage)

My Way and Their Way - At this level people are aware of their own way of doing things and others’ ways of doing things, and they chose the best way according to the situation. At this stage people realize that cultural differences can lead both to problems and benefits and are willing to use cultural diversity to create new solutions and alternatives. (Synergistic stage)

Our Way - This fourth and final stage brings people from different cultural background together for the creation of a culture of shared meanings. People dialogue repeatedly with others, create new meanings, new rules to meet the needs of a particular situation. (Participatory Third culture stage)

Increasing cultural awareness means to see both the positive and negative aspects of cultural differences. Cultural diversity could be a source of problems, in particular when the organization needs people to think or act in a similar way. Diversity increases the level of complexity and confusion and makes agreement difficult to reach. On the other hand, cultural diversity becomes an advantage when the organization expands its solutions and its sense of identity, and begins to take different approaches to problem solving. Diversity in this case creates valuable new skills and behaviors.

In becoming culturally aware, people realize that:

We are not all the same

Similarities and differences are both important

There are multiple ways to reach the same goal and to live life

The best way depends on the cultural contingency. Each situation is different and may require a different solution.

___________________________________________

How Do I Manage Cultural Diversity?

We are generally aware that the first step in managing diversity is recognize it and learning not to fear it.

Since everyone is the product of their own culture, we need to increase both self-awareness and cross-cultural awareness. There is no book of instructions to deal with cultural diversity, no recipe to follow. But certain attitudes help to bridge cultures.

Admit that you don’t know. Knowing that we don’t know everything, that a situation does not make sense, that our assumptions may be wrong is part of the process of becoming culturally aware. Assume differences, not similarities.

Suspend judgments. Collect as much information as possible so you can describe the situation accurately before evaluating it.

Empathy. In order to understand another person, we need to try standing in his/her shoes. Through empathy we learn of how other people would like to be treated by us.

Systematically check your assumptions. Ask your colleagues for feedback and constantly check your assumptions to make sure that you clearly understand the situation.

Become comfortable with ambiguity. The more complicated and uncertain life is, the more we tend to seek control. Assume that other people are as resourceful as we are and that their way will add to what we know. “If we always do, what we’ve always done, we will always get, what we always got.”

Celebrate diversity. As a company find ways of sharing the cultures of your diverse workforce.

maandag 15 april 2013

Kolb, Caluwé en Vermaak



Leren is een wonderlijk proces dat vaak ongestuurd geschiedt. We halen Kolb hier aan:

Kolb heeft de leercyclus geïntroduceerd: lopend van (1) concrete ervaringen, via (2) observatie en reflectie, en (3) conceptvorming naar (4) testen van implicaties in nieuwe situaties (en dan weer opnieuw naar (1) concrete ervaringen, etc).



Caluwé en Vermaak hebben vier thema’s in het leerproces beschreven, passend bij de fasering van Kolb:

1. van observeren tot waarnemen;
2. van conceptualiseren tot betekenis geven;
3. van experimenteren tot committeren;
4. van ervaren tot (niet) handelen.


Ten aanzien van observeren (1) worden verschillende niveaus van waarnemen onderkend:

onderbewust;
zelfbewust;
bovenbewust. 


Bij conceptualiseren (2) is het goed om het interventiemodel van Feltman (1984) aan te halen. Hij onderscheidt drie dimensies:

monoparadigmatisch interveniëren (‘hoe’-vraag, meer van hetzelfde);
multiparadigmatisch interveniëren (‘waarom’-vraag, zoeken naar andere kaders);
metaparadigmatisch interveniëren (groeien door leren).


Bij experimenteren (3) zien we twee wegen:

de productieve weg: scheppen van structurele spanning;
de contraproductieve weg: oscillatie (‘vechten’ of ‘vluchten’).


Bij ervaren (4) ook weer twee wegen:

handelen (‘de beste manier om eruit te komen is erdoorheen’);
niet handelen (‘touwtjes laten vieren’).



vrijdag 29 maart 2013

Handboek vakdidactiek aardrijkskunde



Dit is de homepage van het handboek vakdidactiek aardrijkskunde.
Klik op de links hieronder om diverse hoofdstukken te lezen of te downloaden (in pdf).


http://www.vakdidactiekaardrijkskunde.nl/onderwijs/lerarenopleiding/handboek/index.php


woensdag 27 maart 2013

Uitdagen van hoogbegaafde kinderen



1. Overtuigd van vaststaande intelligentie

Uit wetenschappelijk onderzoek (onder andere van Carol Dweck) blijkt dat leerlingen die geloven dat hun intelligentie vaststaat uitdagingen uit de weg gaan. Bij hoogbegaafde kinderen is vaak, als positieve bemoediging tegen ze gezegd: “Wat ben je toch slim en snel dat je dat kunt”. Het gevolg van een dergelijk compliment is dat het kind aanleert dat intelligentie blijkbaar vaststaat en je dus iets wel kan (wat ben je slim) of niet kan (en dan zul je wel dom zijn). Een leerling kijkt dan niet meer naar een probleem als een uitdaging, maar als een mogelijke vijand die aan kan tonen dat hij/zij dom is.

Wat doe je hieraan?
Zoveel mogelijk feedback op groei en inzet geven. Beloon de leerling vooral voor getoonde inzet en minder op talent/eindresultaat. Reflecteer ook veel met de leerling op groei door inzet.


2. Gebrek aan motivatie

Door verschillende redenen variërend van tegenvallende uitdaging op school, een lage frustratietolerantie en een gebrek van gevoel van ‘er bijhoren’ raken veel hoogbegaafde leerlingen gedemotiveerd. Het probleem is echter dat het schoolsysteem uitgaat van een langzame opbouw van moeilijkheidsgraad via leer-successen. Wanneer deze cyclus door demotivatie doorbroken wordt is het heel lastig om de leerling weer op gang te krijgen.

Wat doe je hieraan?       
De leerling eerst weer op stoom laten komen op een gebied van eigen interesse. Nadat de leerling weer enige motivatie van ‘iets’ leren toont kun je dit langzaam om gaan buigen naar schoolactiviteiten. Dit dan verbonden aan meer vrijheid om eigen interesses te volgen als de leerling meewerkt en minder wanneer de leerling dwarsligt. 


3. Begrip versus geheugen

Een deel van de hoogbegaafde leerlingen is op jonge leeftijd al in staat veel problemen op te lossen door ze te begrijpen. Waar kinderen van dezelfde leeftijd gedwongen worden om hun geheugen op verschillende manieren te gebruiken en trainen is dit bij deze leerlingen vrijwel niet het geval. Als gevolg hiervan is hun geheugen ongetraind en beschikken ze niet over verschillende strategieën. Als dan later in hun carièrre er plotseling een beroep gedaan wordt op hun geheugen zijn ze hier niet op voorbereid.

Wat doe je hieraan?     
De oplossing is tweeledig. Als je er vroeg genoeg bij bent (de eerste jaren van de basisschool) zorg dan dat je de uitdaging, vooral op geheugengebied, verhoogt voor deze leerlingen. Als je later een leerling onder je begeleiding krijgt, ga ze dan uitdagen om hun geheugen te gebruiken door opdrachten daarop gericht aan te bieden. Tegelijkertijd kun je ze strategieën aanbieden om hun geheugen beter te gebruiken. Kijk hiervoor bijvoorbeeld op "http://www.lereniseenmakkie.nl


4. Samenwerken

'Waarom zou je?' is eigenlijk vaak de eerste vraag. Als je alleen toch een beter resultaat kunt behalen dan samen, waarom zou je dan samenwerken met anderen? Vaak worden de kinderen ook nog bewust gekoppeld aan zwakkere leerlingen waardoor samenwerken helemaal een verliesgevende operatie wordt. Daarnaast missen er soms wat sociaal emotionele vaardigheden om de vertaalslag te maken naar een ander kind.     

Wat doe je hieraan?   
Leer het kind over groepen en interactie. Door reflectieoefeningen over je rol in samenwerken en het benoemen van het verschil kun je het kind helpen bewuster ermee om te gaan. Bespreek ook met het kind het doel van samenwerken.


5. Onder-/Overschatten

De leerlingen die beter begeleid zijn hebben vaak veel verschillende materialen gehad om mee te werken. Soms kan dit echter ook een nadeel zijn. Er is een gebrek aan doorzettingsvermogen. De materialen moeten precies aansluiten op de interesse en het uitdagingniveau van het kind, anders werkt het niet. Als je dan het niveau probeert in te schatten zal het de oefeningen of te moeilijk, of te makkelijk vinden.   

Wat doe je hieraan?    
Laat de leerling duidelijk zien welke stappen er van hem/haar verwacht worden, liefst visueel. Begin vervolgens onderaan en test zo snel mogelijk voor elk niveau of de leerling het objectief beheerst. Zo niet, dan is dat voorlopig het niveau waar de leerling aan moet werken. Bespreek met de leerling dat dingen soms moeilijk zijn en dat de oplossing dan is om door te zetten.


6. Zelfstandig werken

Voor zich uitkijken, tekenen op werkbladen, buurman vervelen, alles behalve starten met de opdracht. Er zijn talloze redenen voor, maar het resultaat is eigenlijk altijd het zelfde: nul.

Wat doe je hieraan?  
Deel van de oplossing ligt in het verlengde van uitdaging 5. Benoem duidelijk de stappen die genomen moeten worden en wat het beginpunt is. Een praktische tip die vaak helpt is om een werkblad in kleinere stappen op te delen. Knip een werkblad in losse opdrachten en geef er één aan de leerling. Wanneer hij hem af heeft en inlevert krijgt hij een nieuwe. Wanneer de laatste af is volgt er een beloning. Bouw van hieruit langzaam de grootte van de opdracht op.


7. Oplopen hiaten

Door het overslaan van klassen, maar ook door het snel doorhebben van ‘truckjes’ kunnen leerlingen soms het idee geven dat ze de stof doorhebben terwijl dit niet het geval is. Dit is echter destructief naar de toekomst toe. Het is immers onmogelijk om te leren machtsverheffen als je vermenigvuldigen echt niet begrijpt.

Wat doe je hieraan?   
Wanneer een leerling problemen heeft met een specifiek onderdeel, test dan door om te zien of hij de onderliggende concepten wel begrepen heeft. Wanneer een leerling bijvoorbeeld problemen heeft met spelling in een Frans werkstuk, controleer of hij zij de werkwoordsvervoegingen überhaupt wel kent.