vrijdag 8 maart 2013

Difference between culture and diversity




Thinking in mind


Authenticity includes tasks, activity or work that is associated with a result or outcome that has clear meaning and value to the student.

The starting point of inquiry-based learning in an authentic learning task where students are engaged in work that is worthy of their time and attention, is personally relevant and deeply connected to the world in which they live. The development of authentic learning tasks for students means situating the learning in places ( think: topics, topos, topographies) where curriculum outcomes are brought to life with real world connections and stories.




Guiding Questions for Authenticity:

Where does this topic live in the world?
What are some of the current questions that experts are wrestling with in this area?
What will students find relevant about this topic?
Why would someone care about this topic?
What are the ways that experts in this field do their work?
What counts as evidence or proof within this topic?
How might students access or create authentic sources of data on this topic?
Where will students have the opportunity to solve problems, create solutions, test ideas, recognize patterns, innovate, build or design?


donderdag 7 maart 2013

Honey and Mumford - the Learning Styles Inventory






Honey and Mumford developed the Learning Styles Inventory, which accurately defines learning styles by a succession of questions. If you would like to discover your own learning style, whether you are an activist, theorist, reflector or pragmatist. 

In reality we use a collection of the different styles, even if you are a strong activist you are employing reflector traits in order to understand this article, but those experienced in their own self-development have to discovered how to learn more efficiently by seeking out learning deliver that corresponds to their preferred style or by improve learning acquisition by improving their weaker styles.





maandag 4 maart 2013

Driehoek van Miller


Het is een hulpmiddel om de niveaus van bekwaamheid te schetsen en is breed inzetbaar.

In de context van het onderwijs maakt Miller (1990) gebruik van een piramide om de niveaus te schetsen waarop de bekwaamheid van studenten kan worden beschreven. Onderliggende niveaus vormen steeds het fundament voor de bovenliggende laag.





Knows (niveau 1, laagste niveau)
Het onderste niveau wordt gevormd door de kennis waarover een beroepsbeoefenaar moet beschikken om zijn taken uit te kunnen voeren zoals van hem wordt verwacht.

Knows how (niveau 2)
Op het volgende niveau gaat het erom of de beroepsbeoefenaar weet hoe hij die kennis moet gebruiken bij het uitvoeren van zijn probleemoplossende taken.

Shows how (niveau 3)
Op dit derde niveau laat de beroepsbeoefenaar zien dat hij kan handelen in een gesimuleerde omgeving, onder meer op basis van zijn kennis. Het gaat hier dus om kennen en handelen (cognitie en gedrag).

Does (niveau 4, hoogste niveau)
Het bovenste niveau in de driehoek betreft het zelfstandig handelen in de complexe praktijk van alledag. Daarbij wordt een beroep gedaan op een geïntegreerd geheel van kennis, vaardigheden, houdingen en persoonlijke eigenschappen.


SWOT






Kolb


Leerlingen verschillen nogal in de wijze waarop ze leren. Leren is op te vatten als een proces dat uiteindelijk leidt tot gedragsverandering. In het leerproces zijn verschillende fasen te onderscheiden, zoals het verzamelen van informatie, het toetsen van nieuwe inzichten of het nadenken over dingen die je overkomen. 

De psycholoog Kolb deed onderzoek naar verschillende manieren van leren van mensen en hij onderscheidde vier verschillende manieren van leren, die hij als fasen die van elkaar afhankelijk zijn kon vastleggen. Deze vier leerfasen kunnen worden beschreven in termen van de vaardigheden die bij die fasen horen.


  • Concreet ervaren ('feeling') - onderdompelen en ervaren.
  • Waarnemen en overdenken ('watching') - reflecteren en verhelderen.
  • Abstracte begripsvorming ('thinking') - inzicht krijgen en verklaren, leren van de ervaring.
  • Actief experimenteren ('doing') - toepassen en oefenen in een andere context, uitproberen wat je geleerd hebt.


Deze vier fasen volgen logisch op elkaar: als je iets meemaakt (ervaring) is het belangrijk daarna je ervaringen te overdenken (reflectie) en te veralgemeniseren (begripsvorming). Je kan dan een aanpak bedenken waarmee je een overeenkomstige gebeurtenis tegemoet kan treden (experimenteren).




































zondag 3 maart 2013

Low-Context and High-Context Cultures

High context culture and the contrasting low context culture are terms presented by the anthropologist Edward T. Hall in his book Beyond Culture. High-context and low-context communication refers to how much speakers rely on things other than words to convey meaning.