zaterdag 31 augustus 2019

Omwenteling - Jared Diamond

Jared Daimond heeft al meerdere succesvolle boeken geschreven, waaronder ‘Zwaarden, paarden en ziektekiemen’ en ‘Ondergang’. Diamond is een Amerikaanse fysioloog, evolutionair bioloog biogeograaf, milieuwetenschapper en aardwetenschapper. Hij is hoogleraar in de geologie aan de UCLA in Californië. 
Voor het boek ‘Zwaarden, paarden en ziektekiemen’ won hij in 1998 de Pulitzerprijs voor non-fictie. In dit boek verklaarde (met een nadruk op geografie en biologie) waarom het Westen zo veel succesvoller is dan de rest van de wereld.


Jared Diamond onderzocht in zijn boeken hoe beschavingen opbloeien en hoe ze ten onder gaan, maar nu richt hij zijn aandacht op de verbazingwekkende veerkracht van landen in crisis. En op de landen die hierin tekortschieten. 


Zijn nieuwste boek met de titel ‘Omwenteling’ (Engelse titel ‘Upheaval’) gebruikt Jared Diamond de ‘Comparative history’ methodiek. ‘Comparative history’ is de vergelijking tussen verschillende samenlevingen die in dezelfde periode bestonden of dezelfde culturele omstandigheden deelden. De vergelijkende geschiedenis van samenlevingen is een belangrijke specialiteit van Jared Diamond.



In een fraaie bespiegeling onderzoekt Diamond zeven landen die crises en rampspoed te boven zijn gekomen door middel van een proces van zelfreflectie en aanpassing en verkent hij hierin de patronen die aan de basis liggen van hun herstel.

Of het nu om de heropbouw van Duitsland, de Sovjetinvasie in Finland, de gevolgen van de militaire dictatuur op Chili of het Indonesische crisisjaar onder Soekarno gaat, Diamond weet de keerpunten aan te wijzen en te analyseren. Ook richt hij zijn blik op de toekomst. Zijn landen wereldwijd op weg naar politieke ondergang of kunnen we nog lering trekken uit het verleden?


Bron: https://www.nrc.nl/nieuws/2019/05/23/therapie-voor-staten-in-crisis-a3961372

maandag 26 augustus 2019

How to make stress your friend - Kelly McGonigal

Het feit dat persoonlijk leiderschap faalt wil niet zeggen dat er ergens iets mis is met je. Het leren begrijpen en accepteren van je eigen menselijkheid is daarom een eerste belangrijke stap in persoonlijk leiderschap.

Kijk voor meer informatie over 
persoonlijk leiderschap en stress naar de TED-talk van Kelly McGonical: "How to make stress your friend".



Hoe gaan we dan doeltreffend om met stress? Wat persoonlijk is leiderschap? In ons dagelijks leven wordt het aanzienlijk deel van ons denken en doen gevormd door automatismen, wetenschappers noemt dit type I processen.

Persoonlijk leiderschap is een type II proces. Je staat weloverwogen stil bij wat er gebeurt (stop), reflecteert over wat te doen (denk) en gaat daar vervolgens mee aan de slag (doe). Dit is het kernproces van persoonlijk leiderschap. Weloverwogen keuzes maken in je gedrag.

Het probleem is echter deze mismatch ons aanhoudend op het verkeerde been zet, waardoor je niet op de juiste momenten stilstaat. Daarbij wordt het bewuste proces vaak overruled. Jammer genoeg!!!

zondag 25 augustus 2019

Effectief samenwerken binnen een team


Welke zaken zijn belangrijk om effectief te kunnen samenwerken binnen een team.




Voorwaarde is dat teamleden / team:

Assistentie
Hulp kunnen en willen bieden aan een collega, maar ook hulp durven vragen
Band
Zich betrokken en verbonden voelt onderling (met elkaar)
Communicatie
Kan afspreken, bespreken, aanspreken en uitspreken
Coöpereren
Bereid en gemotiveerd is om samen te werken, kennis te delen en uit te wisselen
Elkaar steunen
Bereid en gemotiveerd is om elkaar te helpen en collegiaal te ondersteunen
Geven
Kan geven en ontvangen
Helderheid
Duidelijkheid heeft over taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden
Intenties
Duidelijkheid heeft over wederzijdse verwachtingen en te behalen doelstellingen
Luisteren
Bereid en gemotiveerd is om naar elkaar te luisteren
Opbrengst
Zich gezamenlijk verantwoordelijk weet voor het te behalen resultaat
Vertrouwen
Kan functioneren in een sfeer van openheid, vertrouwen en veiligheid


woensdag 21 augustus 2019

Samenwerking binnen een team - Patrick Lencioni

Patrick Lencioni is een Amerikaanse managementconsultant en auteur. Patrick Lencioni beschrijft in zijn boek 'De vijf frustraties van teamwork' de essentie van de samenwerking in een team. 



Volgens Patrick Lencioni manifesteren zich vijf grote frustraties waarmee teamleden worstelen, frustraties die de samenwerking saboteren:
1 - gebrek aan vertrouwen,
2 - voor confrontatie,
3 - aan betrokkenheid,
4 - van verantwoordelijkheid en
5 - resultaatgericht werken.




Great teams do not hold back with one another. They are unafraid to air their dirty laundry. They admit their mistakes, their weaknesses, and their concerns without fear of reprisal.” 



De verleiding
Teamwork
De uitdaging

5 - voor eigen target gaan



4 - populair willen zijn


3 - aan eigen zekerheid vasthouden

2 - harmonie zoeken



1 – onkwetsbaar willen zijn

5 - gezamenlijk resultaat



4 - verantwoordelijkheid


3 - betrokkenheid


2 - confrontatie



1 – vertrouwen

5 - concentreren op het gezamenlijk resultaat


4 - elkaar ter 
verantwoording roepen

3 - steunen en opvolgen van besluiten

2 - aangaan van confrontaties

1 - onthullen


De verschillende fases
Bij de verschillende fases van teamwork-model van Lencioni staat een samenvatting over wat bevorderend is voor de teamontwikkeling en welke rol de teamleden en de teamleider dan spelen binnen het team:

1 – Vertrouwen


In een team waarin vertrouwen heerst, zullen de teamleden meestal:

- hun zwakheden en fouten toegeven.
- hulp durven te vragen.
- vragen en inbreng van anderen accepteren op het terrein waarvoor ze zelf verantwoordelijk zijn.
- elkaar het voordeel van de twijfel gunnen voordat ze tot een negatieve gevolgtrekking komen.
- risico’s nemen bij het aanbieden van feedback en hulp.
- de vaardigheden en ervaringen van anderen waarderen en benutten.
- tijd en energie steken in belangrijke zaken, niet in politieke spelletjes.
- verontschuldigingen aanbieden en accepteren en dit zonder aarzelen.
- uitzien naar vergaderingen en andere gelegenheden om als groep te kunnen optreden.


De rol van de teamleider m.b.t. het aspect vertrouwen:

Om het vertrouwen van een groep te bevorderen, kan een teamleider bijvoorbeeld stimuleren dat men beter met elkaar kennis maakt. Dit kan door in een groepsgesprek elk teamlid zijn/haar persoonlijke geschiedenis te vertellen. Door gemakkelijke en onschuldige informatie krijgen teamleden al een band met elkaar, waardoor er meer empathie en wederzijds begrip ontstaat.


2 – Confrontaties

In een team waar teamleden de confrontatie aangaan:
           
- wordt levendig en boeiend vergaderd.
- worden de ideeën van alle teamleden aangeboord en profiteert iedereen daarvan.
- worden echte problemen snel opgelost.
- zijn de politieke activiteiten beperkt.
- worden kritieke onderwerpen op tafel gelegd.


De rol van de teamleider bij confrontaties:


Bij conflicten moet de groepsleider zich terughoudend opstellen. Oplossingen zouden de kans moeten krijgen om op een natuurlijke wijze te ontstaan.
Probeer verder te herkennen wanneer iemand zich onprettig voelt bij het ontstaan van een conflict en herinner hem/haar eraan dat het conflict noodzakelijk is om door te groeien.

  


3 – Betrokkenheid


Een team dat als eenheid optreedt, zullen de teamleden meestal:
  
- Schept duidelijkheid over de richting en prioriteiten.
- Verenigt het hele team rond gemeenschappelijke doelstellingen.
- Ontwikkelt het vermogen om van fouten te leren
- Profiteert van kansen voordat de concurrentie dat doet.
- Handelt zonder aarzeling.
- Verandert zonder aarzeling of schuldgevoelens van richting.


De rol van de teamleider bij het aspect betrokkenheid:

De groepsleider moet vertrouwen op het team en zich gemakkelijk voelen bij het vooruitzicht dat het team een besluit neemt dat uiteindelijk verkeerd kan zijn. Daarnaast kan het goed werken om aan het eind van een vergadering een besluitenlijst te noteren. Hierdoor krijgen de teamleden direct zwart op wit te zien waartoe zij besluiten en waarvoor hun betrokkenheid wordt verwacht. Dit kan onduidelijkheid voorkomen.



4 – Verantwoordelijkheid


In een team dat elkaar aanspreekt zullen de teamleden meestal:

- er voor zorgen dat collega’s die slecht presteren zich aangespoord voelen beter hun best te doen.
- potentiële problemen snel signaleren door zonder aarzelen de benadering van en collega ter discussie te stelen.
- bevorderen dat collega’s die dezelfde hoge maatstaven aanleggen elkaar respecteren.
- buitensporige bureaucratie vermijden i.v.m. prestatiemanagement en corrigerende maatregelen.


De rol van de teamleider m.b.t. het aanspreken op verantwoordelijkheden:

Als groepsleider moet je stimuleren dat iedereen zijn eigen verantwoordelijkheden neemt door te wijzen op een gemeenschappelijke teamverantwoordelijkheid. Een handig middel om verantwoordelijkheid te vergroten is het publiceren van doelstellingen en maatstaven waarop iedereen kan worden aangesproken. Ook kan het helpen om een beloning te bieden voor prestaties van het hele team in plaats van aan individuele leden. Verder is het zinvol om regelmatig voortgangsgesprekken te hebben en gedragsafspraken te maken.




5 - Gezamenlijk resultaat


Een team dat zich concentreert op de collectieve resultaten:

- Houdt prestatiegerichte werknemers vast.
- Minimaliseert individualistisch gedrag.
- Geniet van successen en lijdt onder mislukkingen.
- Profiteert van individuen die eigen belang onderschikt maken aan teambelang.
- Zorgt ervoor niet te worden afgeleid.

De rol van de teamleider m.b.t. de focus op het eindresultaat:

De teamleider moet het goede voorbeeld geven en voorop staan bij het centraal stellen van de resultaten. Als hij/zij dit niet doet, kunnen andere teamleden het gedrag overnemen. 
Wat tevens kan helpen is om resultaten publiekelijk te maken. Teams doelstellingen publiekelijk willen laten vaststellen werken met meer passie aan het bereiken van resultaten.



Het boek van Lencioni is als volgt samen te vatten: goede teams (dus zowel de teamleden als de teamleider) werken niet om de onderlinge frustraties heen, maar gaan die aan. Wat daar voor nodig is dat er vertrouwen is. In een goed team is iedereen kwetsbaar over de eigen zwakheden en falen. De teamleider in het verhaal van Patrick Lencioni verschuilt zich achter een muur van alwetendheid van waarachter zij haar ondergeschikten manipuleert tot het gedrag dat voldoet aan haar normen. Deze teamleider is absoluut geen onderdeel van het team.


dinsdag 23 juli 2019

De biologie van de overtuiging - hoe je gedachten je leven bepalen - Bruce Lipton

Professor Bruce Lipton, celbioloog en oud-docent aan de medische faculteit van de Universiteit van Wisconsin en onderzoeker aan de Stanford University School of Medicine, is inmiddels een prominent en wereldwijd vermaard vertegenwoordiger van de ‘nieuwe biologie’.



Bruce Lipton is bekend om het idee te promoten dat genexpressie kan worden beïnvloed door omgevingsfactoren. Mensen hebben volgens Bruce Lipton een grotere impact op hun gezondheid dan eerder door  onderzoek is vastgesteld. Bruce Lipton komt tot deze bevinding na uitgebreid onderzoek naar de moleculaire processen waarmee cellen informatie verwerken. Daaruit bleek dat het niet de genen zijn die ons gedrag bepalen, maar dat de genen worden aan- en uitgezet door externe factoren. Ze worden getriggerd door onze waarnemingen en onze gedachten en overtuigingen. Professor Lipton toont aan dat overtuigingen, of ze nu waar zijn of niet, positief of negatief, de activiteit op genetisch niveau beïnvloeden en zelfs onze genetische code kunnen veranderen. Het lijkt erop dat we ons bewustzijn zodanig kunnen trainen dat we gezonde overtuigingen kunnen scheppen. Daarmee hebben we de sleutel in handen tot een gezonder en gelukkiger leven. 



maandag 22 juli 2019

De lerende mens - Harold Bekkering en Jurjen van der Helden

Het onderwijs is niet zo effectief als je zou hopen. Harold Bekkering en Jurjen van der Helden van de Radboud Universiteit schreven er een boek over: De lerende mens.


Harold Bekkering, hoogleraar cognitieve psychologie aan de Radboud Universiteit en Jurjen van der Helden deden veel onderzoek naar leermechanismen. Samen schreven een overzicht over de stand van de wetenschap op het gebied van leren.

De vier belangrijkste lessen uit het boek:
1 - Leren is het vormen van een individueel model van de wereld
2 - Mensen leren het meest van mensen
3 - Context telt net zo hard als het lesje zelf
4 - Belonen en straffen afschaffen


Les 1: 
Leren is het vormen van een individueel model van de wereld

‘Leren gaat in feite over het ontwikkelen van een model van de wereld’, zegt Bekkering. ‘Ieder mens heeft een ander model van de wereld op grond van eerdere ervaringen. Daar moet het onderwijs op aansluiten. En doordat iedereen andere associaties kan hebben bij een woord of een beeld zijn er dus ook verschillende waarheden.’
‘Zo blijkt kennis over het onderwerp de beste voorspeller voor tekstbegrip, meer dan algemene intelligentie of leesvaardigheid’, zegt Van der Helden. ‘Feitenkennis blijft dus belangrijk voor een rijk model van de wereld. Zonder feitenkennis blijf je zoeken en kun je bijvoorbeeld niet goed begrijpend lezen.’

Les 2: 
Mensen leren het meest van mensen

Mensen zijn door en door sociale wezens. Ons individuele model van de wereld ontstaat dan ook vooral in interactie met anderen. ‘Voor goed onderwijs heb je dus voorbeeldfiguren nodig. iPadscholen zullen alleen werken als een mens je intrinsiek motiveert om te leren en de techniek de goede leerkracht bijstaat en niet de leerkracht vervangt. Ouders, docenten en later in de ontwikkeling leeftijdsgenoten, zijn nodig om je denken naar een hoger niveau te tillen, dit zei Vygotsky al aan het begin van de vorige eeuw.’

Digitalisering kan het onderwijs wel beter maken, vinden de auteurs, omdat het de docent kan helpen een goed beeld te krijgen van het niveau en de individuele problemen van een kind. En op maat kan ondersteunen. Kennis staat nooit los van de wereld en je leert veel van fysieke ervaringen’. Dus ook rekenen tijdens de gymles bijvoorbeeld, en je lijf gebruiken in de taalles.

Les 3: 
Context telt net zo hard als het lesje zelf

Belangrijk is dat alles er toe doet in onderwijs. De houding van de docent, de inrichting van de klas, de plaatjes in het rekenboek, alles wat er gezegd wordt. Alles roept associaties op. Taal activeert beelden. En die veelheid aan context werkt vaak tegen het leren, vinden de auteurs. Het lesboek mag veel kaler worden vormgegeven: al die plaatjes leiden maar af, tenzij ze echt de stof ondersteunen. En de tijd dat de docent aan het woord is, moet veel korter.

Les 4: 
Belonen en straffen afschaffen

Belonen en straffen moeten eigenlijk beide worden afgeschaft. Onze intuïtie dat het goed is om een kind te prijzen, klopt niet. Het maakt de intrinsieke motivatie kapot, concluderen Van der Helden en Bekkering, het onderzoek overziend. Zo blijkt dat kinderen die na het maken van een tekening veel geprezen worden, de dagen daarop nog nauwelijks tekenen, in ieder geval veel minder dan kinderen die geen specifieke feedback krijgen.
Veel leertheorieën zijn gebaseerd op belonen, maar die kunnen volgens Bekkering beter genegeerd worden. ‘Geef complimenten op inzet en gedrag en niet over resultaat, want dan houdt het leren op.’

Hetzelfde geldt voor straffen. ‘niet met dat dure apparaat spelen of dan zwaait er wat’, zal eerder geneigd zijn om er tóch mee te spelen, het klinkt als een interessant apparaat. Hoort het kind waarvoor dat apparaat dient dan zal het niet bedenken dat het is om mee te spelen.

Net zo min als opvoeders zouden (digitale) methodes prestaties moeten belonen. Bekkering ziet het misgaan met zijn eigen zoon die nu online blind leert typen. ‘Na elke nieuwe prestatie geeft het programma hem een spelletje. Hij doet zijn oefeningen nu niet meer om te leren typen, maar om die spelletjes te mogen spelen. Als spieken daarbij helpt dan zal hij dit niet laten. Zijn motivatie voor snel en goed typen dreigt te verdwijnen.’


[ Bron: https://www.ru.nl/nieuws-agenda/nieuws/vm/donders/cognitive-neuroscience/2015-0/vier-lessen-lerende-mens/ ]

dinsdag 18 juni 2019

Meer talentontwikkeling en autonomie

In de laatste jaren staat talentontwikkeling op de agenda van een toenemend aantal VO scholen. Bijvoorbeeld begaafdheidsprofielscholen, scholen met specifieke mogelijkheden voor topsport, musici en dansers, scholen met tweetalig onderwijs, technasia, en scholen met vwo-plusklassen cq. Da Vinci klassen. Op deze scholen kunnen getalenteerde leerlingen extra uitdagingen aangaan.

Talentontwikkeling komt vanuit het streven leerlingen te laten uitstromen naar een plek in het vervolgonderwijs of de arbeidsmarkt waar zij in staat zijn om maximale prestaties te leveren. Scholen moeten daarvoor een ambitieuze leercultuur realiseren.



Om de motivatie van leerlingen voor school verder te bevorderen krijgen leerlingen op de school een programma aangeboden gericht op talentontwikkeling. Het motiveren van leerlingen begint bij het construeren van een goed pedagogisch-didactisch klimaat in de klas.

Het motiveren van leerlingen begint bij het opbouwen van een goede relatie met docent en mentor. Leerlingen moeten zich veilig voelen, weten dat ze niet bang hoeven te zijn om vragen te stellen en dat het niet erg is om fouten te maken. De motivatie wordt versterkt door leerlingen hun eigen leerproces in handen te geven, door differentiatie, door opdrachten te laten aansluiten bij de leefwereld van de leerlingen en door leerlingen te laten samenwerken. Kijk niet alleen naar het resultaat, maar juist naar het proces.


Het uitgangspunt van zelfdeterminatietheorie van Deci en Ryan is dat leerlingen drie basisbehoeften hebben en dat de intrinsieke motivatie kan worden verhoogd als de docent bij het vorm geven van de leeromgeving aan die drie basisbehoeften tegemoet kan komen.

De drie basisbehoeften zijn:
Autonomie
De vrijheid om een activiteit naar eigen inzicht uit te voeren.

Gevoel van competentie
Het vertrouwen in eigen kunnen.

Sociale verbondenheid
De behoefte om ergens bij te horen en zich gewaardeerd, gerespecteerd en verbonden te voelen, zowel met klasgenoten als met de docent/mentor.


Overigens benadrukken we dat die autonomie alleen werkt als een leerling die ook aankan. Het is belangrijk goed in de gaten te houden hoeveel vrijheid een leerling aankan en zo nodig aanvullende sturing te bieden.