Posts tonen met het label visie op leren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label visie op leren. Alle posts tonen

vrijdag 12 december 2014

Differentiëren in de klas

Differentiëren

Differentiëren begint met kijken, observeren en analyseren. Wie heb ik voor me en wat is de onderwijsbehoefte? En dan het nemen van één of meer onderwijskundige maatregelen, waardoor je als docent in staat bent om in je lespraktijk rekening te houden met de verschillen tussen de leerlingen.


Vormen van differentiëren in de klas 
- Verschillen in instructie
- Verschillen in begeleiding
- Ongelijk tempo
- Ongelijke leerstof/inhoud/opdrachten
- Basis-, Herhaling-Verrijkingsstof (BHV)
- Verschillen in niveau (RTTI, Bloom)
- Intelligenties
- Werkhouding: dichtbij- in de buurt- op afstand
- Jongens/meisjes
- Leerstijlen (Kolb, Vermunt)

docent is verantwoordelijk

een gedeelde verantwoordelijkheid

leerling is verantwoordelijk

-vertellen, uitleggen
-verduidelijken
-demonstreren,
-illustreren
-schematiseren,
-opdrachten geven,
-onderwijsleergesprek

-leren zichtbaar maken
-‘checken’ van leren
-denkvragen stellen
-onderwijsleergesprek
-samenwerkingsvormen
-rolwisselend onderwijzen
-zelfstandig werken
-werken met werkschema’s/planners
-samenwerken
-docent begeleidt ‘op afstand’
Hier is de docent actief verantwoordelijk en de leerling passief verantwoordelijk.
Hier hebben leerling en docent een gedeelde verantwoordelijk.
Hier is de leerling actief verantwoordelijk en de docent ‘op afstand’ verantwoordelijk.


Waarom is differentiëren een lastig onderwerp (geworden)?
  • Tegenstrijdige eisen: standaardisatie versus differentiëren
  • We doen het buiten de klas al zoveel
  • School is opgericht en ingericht voor standaardisatie
  • Voldoen aan minimumeisen i.p.v. maximaal haalbare
  • Verwarren van standaardisatie met rechtvaardigheid
  • Onvoldoende hechte samenwerking in school
  • Onvoldoende tijd/ruimte/formatie/middelen, etc.
  • Onvoldoende uitgewerkte schoolvisie op differentiatie

Waarom is een schoolvisie op differentiëren zo belangrijk?
  • Veel keuzes mogelijk over welke verschillen van belang zijn
  • Veel keuzes mogelijk in de didactische en schoollogistieke oplossingen

Met welke verschillen tussen leerlingen wil je rekening houden?
  • Niveau (niet algemeen maar per vak)
  • Behoefte aan begeleiding
  • Manieren van verwerking
  • Behoefte aan formatieve en summatieve toetsing
  • Talenten
  • Fysieke mogelijkheden

Willen we ook rekening houden met de volgende verschillen?
  • Leerstijlen
  • Meervoudige intelligentie
  • Sekse
  • Enz.

Universal design for teaching and learning
  • Niet voor iedere doelgroep een specifieke aanpak, maar een ontwerp waarin alle doelgroepen bereikt worden

Universal design for teaching and learning
  • Pedagogiek: relatie met de leerling
  • Didactiek:
    • klassenmanagement (ruimte voor differentiatie)
    • vakdidactische organisatie v.d. leerstof
  • Onderwijslogistiek

Onderwijslogistieke oplossingen
  • Langere lestijden
  • Streaming and setting
  • Keuzewerktijd
  • Bandroostering
  • Individuele roostering


woensdag 5 februari 2014

Visies op leren


Een bredere visie op leren
Een beperkte visie op leren

1 Mensen leren altijd en overal.

Leren doe je op school.
2 Er zijn talrijke weinig bewuste, impliciete leerprocessen die spontaan optreden als neveneffect van allerlei ervaringen en activiteiten.

Leren betreft een bewuste activiteit die specifiek is gericht op de verwerving van kennis en vaardigheden.
3 Leren maakt deel uit van een sociale context, waarin leerproces en leerresultaten functioneren en betekenis hebben.

Leren is een individuele activiteit met individuele resultaten (waarbij leerresultaten als doel vaststaan in overeenstemming met punt 8).
4 Leren treedt (ook) op als gevolg van
handelen.
Leren is een voorwaarde voor handelen; leerresultaten moeten later/elders worden toegepast.
5 Leren is ook emotioneel van aard.
Leren is een cognitieve, rationele activiteit.

6 Leren kan ook negatieve effecten hebben.
Leren is een verbetering; leren is (moreel) goed.

7 Het referentiekader (eerder verworven leerresultaten) fungeert als bril. Veranderend (kritisch, transformatief) leren is veeleisend.

Leren is voornamelijk het toevoegen van nieuwe kennis of uitbreiden van aanwezige kennis (wel conceptuele verandering bij ‘misconcepten’).
8 Kennis is een sociale constructie; de toereikendheid en geldigheid ervan  staan ter discussie.

Vanzelfsprekende consensus over geldigheid en reikwijdte van kennis in het onderwijs.


[ bron: http://hbo-kennisbank.uvt.nl/cgi/fontys/show.cgi?fid=3691 ]

zondag 2 februari 2014

Leren

Visie op leren

“Het ondernemen van zichtbare en/of mentale activiteiten die leiden tot een verandering in de persoonlijke actietheorie van werknemers” (Berings, 2006)

Behaviorisme
“Leren is ander gedrag vertonen op grond van een externe stimulus”

Cognitivisme
“Leren is het inpassen van kennis in cognitieve structuren”

Constructivisme
“Leren is het zelf bouwen en ontwikkelen van een praktijktheorie”

‘Moderne’ visie op leren
- Continu
- Gekoppeld aan het werk
- Sociaal
- In verschillende contexten
- Zelfgestuurd en/of onder begeleiding

Opmerking van Joseph Kessels: “Je kunt mensen niet dwingen om te leren”

Vier manieren van (individueel) leren
1 - Door ervaring
2 - Door sociale interactie
3 - Door theorie
4 - Door kritische reflectie

Ad 1. Leren door ervaring
- Meemaken, waarnemen, ondergaan, 
deel uitmaken
- Trial-and-error
- Model leren
- Stimuleren door: uitdagingen, feedback, vernieuwing, autonomie, variatie

Ad 2. Leren door sociale interactie
- Alledaagse conversatie
- Informatie vragen en geven
- Samen zoeken naar nieuwe oplossingen
- Brainstormen
- Discussie
- Samenwerken
- Conflicthantering
- Stimuleren door participatie, leerklimaat

Ad 3. Leren door theorie
- Theorie → werkelijkheid
- Anders slapende kennis
- Verbinding met ervarings- en sociaal leren

Ad 4. Leren door kritische reflectie
- Vragen stellen: waarom doen we dit altijd zo, kan het niet anders, beter?
- Op jezelf
- Op omgeving
- Afleren!
- Stimuleren door tijd, klimaat

Collectief leren als co-creëren
- Individuele participatie
- Samenwerken aan reëel ervaren problemen
- Uitwisseling van tacit knowledge
- Beste (enige?) manier om attitudes/cultuur te veranderen



[bron: Van: Glaudé, M., Van Eck, E., Oud, W. en Verbeek. F. (2008). Voorwaarden voor scholing van docenten mbo, volgens docenten en hun leidinggevenden. Amsterdam: SCO-Kohnstamm Instituut]